Product zoeken:
U bent hier:
Home arrow Kennisgroepen arrow Studiofotografie

    Aanmelden Nieuwsbrief
Naam:
E-mail:
 

Studiofotografie Afdrukken
Onderdelen
Studiofotografie
1. Stap voor stap een fotostudio
2. Soorten verlichting
3. Opstelling en instellingen
4. Flitsuitrusting samenstellen
5. Gebruiksaanwijzing DGS flitsset
6. Accessoires
7. Veelgestelde vragen


Soorten verlichting

De goedkoopste lichtbron is het daglicht. Omdat we dat niet onder controle hebben, is het voor studiowerk niet handig. Bij studiowerk gaat het er juist om alles in de hand te hebben, zodat je precies het effect kunt bereiken dat je voor ogen staat.


In studioverlichting zijn er twee hoofdgroepen:

1. Continu licht (ook wel duurlicht genoemd); continu brandend licht

2. Flitslicht



1. Continu licht


Voordeel van continu licht is dat je permanent ziet wat je opgestelde verlichting doet. Je ziet de lichtval, de contrasten, reflecties, enzovoorts. Het spreekt voor zich dat voor filmopnamen continu licht nodig is.

We onderscheiden twee soorten

- Fluorescentielicht, egaal licht zonder warmteontwikkeling, voor kleine objecten

- Metaalhalide licht, voor grote objecten


Fluorescentielicht

Handige lichtbron voor kleine objecten, die haast geen warmte produceert. Doordat meerdere TL-buizen in een reflector-lichtbak zijn opgenomen ontstaat een mooie, diffuse verlichting.

Het lijkt gewoon TL-licht, maar dat is het bepaald niet! De buizen geven écht daglicht (5500K), met een continu spectrum. Gewone TL-buizen hebben geen continu spectrum, ook niet als ze een zogenaamde daglichtkleur hebben. Voor het oog ziet het licht er normaal uit, maar op de foto geven ze een roze of groene kleurzweem. De speciale kleurbalansinstellingen voor TL-licht, op elke digitale camera aanwezig, helpen een klein beetje, maar niet meer dan dat! Doordat bepaalde golflengten in het spectrum van deze lichtbron ontbreken kan er nooit een natuurgetrouwe kleurweergave ontstaan.


continu_licht.jpg




























Continu licht met foto-gloeilampen is wegens de warmte-ontwikkeling niet erg geschikt voor het maken van culinaire foto’s. Niet alleen wegens het sneller smelten van ijs, maar vooral omdat gerechten sneller uitdrogen en er dan minder lekker uitzien.  De moderne fotografische
 
 fluorescentielichtbronnen geven vrijwel geen warmte af, en kunnen wel goed worden gebruikt.


Fluorescentielicht is vooral erg geschikt voor productfotografie van kleine tot middelgrote objecten, ook als er langere tijd aan wordt gewerkt, omdat er vrijwel geen warmteontwikkeling is.

Er zijn kleine sets, uitgerust met 8 W daglichtbuizen, zeer geschikt voor kleine opnametafels (max. 50 cm breed), en grote sets, met Osram PL 55W daglichtbuizen. Die laatste zijn er in diverse groottes, tot 6 buizen per armatuur. Het gaat dan om grote, diffuus werkende lichtbakken, die een wat contrastrijker verlichting geven dan flitsers met softboxen. De set van 3 armaturen, met 6 buizen per armatuur, werkt buitengewoon plezierig en leent zich bijvoorbeeld uitstekend voor het uitlichten van objecten op een opnametafel van 130 cm breed.


Wie een verlichtingsset met fotolampen heeft (met E27 standaard schroefvatting) kan probleemloos overgaan op fluorescentielicht met spiraal-daglichtlampen van 27, 55 en 85 Watt. Ze geven relatief veel licht, nagenoeg geen warmte (in tegenstelling tot de conventionele fotolampen), en hebben een aangenaam werkende kleurtemperatuur van circa 5000 K (iets warmer dan daglicht). Vanzelfsprekend gaat het hier om lampen met een continu spectrum.

De lampen zijn ook leverbaar in een set, met 2 parabool-reflectoren en 2 lampstatieven, goed te gebruiken voor continu licht op locatie als de hoge lichtopbrengst van metaalhalide niet vereist is.



Metaalhalide verlichting

Deze lichtbron geeft zeer krachtig licht, en leent zich goed voor grotere objecten. De kleurtemperatuur is 5000 K, vergelijkbaar met warm daglicht.

Metaalhalide lichtbronnen geven een grote hoeveelheid licht, tegen een gunstige prijs. Het licht is veel krachtiger dan het instellicht van studioflitslicht, wat bij het uitlichten van grote objecten beter van pas komt.


verlichting diverse.jpg




















De verschillende soorten continu licht:
Linksboven de metaalhalide lichtbron. Daaronder een kleine fluorescentie-armatuur voor kleine objecten, in het midden de grote uitvoering, geschikt voor middelgrote objecten.Rechts twee spiraal-daglichtlampen (flourescentie) met gewone E27-schroeffitting.

2. Flitslicht


Het voordeel van flitslicht is: veel licht, zonder dat je last hebt van de warmte van lampen.

Flitslicht heeft de kleurtemperatuur van daglicht.

Voor het beoordelen van de lichtval zijn studioflitsers uitgerust met instellicht. Dat werkt met een halogeenlamp. Door het instellicht kun je zien wat het licht doet: hoe de schaduwen vallen, waar reflecties komen, of het licht voldoende diffuus is, enz.

Er zijn twee soorten instellicht: proportioneel en niet-proportioneel. Bij proportioneel instellicht neemt de intensiteit af als je de flitser op een lagere lichtopbrengst instelt. Daardoor blijft de verhouding tussen de verschillende lichtbronnen ook via het instellicht te beoordelen. Niet-proportioneel instellicht houdt een vaste intensiteit, ook als de flitser op een lagere sterkte wordt ingesteld. Daar moet het exacte effect van de verlichtingsopstelling met testopnamen worden vastgesteld. Met een digitale camera, die immers direct het resultaat laat zien, is dat prima te doen.
portretsessie.jpg





Flitslicht geeft automatisch een korte belichtingstijd als gevolg van de korte duur van de flits. Daardoor is er geen gevaar voor trillingsonscherpte en kan er ook goed uit de hand worden gefotografeerd, bijvoorbeeld voor een mode- of portretsessie.
Overigens blijft een statief voor veel soorten studiowerk onontbeerlijk, al was het maar om in alle rust een goede compositie op te kunnen bouwen.







L250A zonder typeaanduiding.jpg


Kan het ook zonder flits- of verlichtingsset?
In bijna alle camera’s zit een flitser. Op reflexcamera’s en enkele compactcamera’s kun je ook een externe flitser zetten, voor extra flitspower. Veel beginnende studiofotografen  vragen zich af of ze niet gewoon de ingebouwde flitser kunnen gebruiken, en anders een extra flitser op de camera. Wel, technisch zal het soms best lukken om een onderwerp goed uit te lichten, zeker als het niet te groot is. Maar dan kijk je alleen naar de hoeveelheid licht.
Veel belangrijker is dat je je onderwerp mooi of goed weergeeft. Met licht dat vanaf de camera komt lukt dat niet: alles ziet er erg vlak uit. Licht van schuin opzij is voor de meeste onderwerpen veel en veel beter. Het komt natuurlijker over en laat het onderwerp beter zien.



Gebruik van de ingebouwde flitser of een flitser op de camera? Gebruik van de ingebouwde flitser of een flitser op de camera is, zoals al aangegeven, niet aan te bevelen. De camera kan alleen het eigen flitslicht regelen, en het is onvoorspelbaar wat het resultaat wordt als er studioflitsers meeflitsen. Bovendien is er een zeer grote kans dat uw foto’s helemaal mislukken, omdat de studiofilters al worden ontstoken als de sluiter van de camera nog niet open is. Daar zijn twee mogelijke oorzaken voor aan te geven:
- de voorflits tegen rode ogen. De studioflitsers reageren op de eerste de beste flits, dus ook op de voorflits tegen rode ogen. U kunt die functie uitschakelen. Maar dan is er nog andere voorflits die meestal roet in het eten zal gooien.
- de voorflits voor het automatisch flitssysteem van de camera. Maakt u met een reflexcamera een flitsfoto, dan ziet u vlak voordat de foto wordt gemaakt al een flits in de zoeker. Dit is een korte voorflits, waarmee de camera de situatie verkent om z’n instellingen te bepalen. Op dat moment is de sluiter nog niet open. De studioflitser wordt door die voorflits ontstoken, en dat is dus voordat de opname plaatsvindt. Daardoor wordt de opname dan met alleen het flitslicht van de camera gemaakt en blijft het licht van de studioflitsers buitenspel. En dat is natuurlijk niet de bedoeling.


Bouwlampen

Bouwlampen geven veel licht voor weinig geld. Voor fotografie zijn ze echter niet erg geschikt. Hun reflector is niet gemaakt voor een egale lichtspreiding, en daardoor ontstaan er allerlei strepen en reflecties.

Lastig is vooral dat ze een hoge kleurtemperatuur hebben: het licht is erg warm van kleur. Dat kan technisch redelijk tot goed worden gecorrigeerd met de witbalansinstelling van de camera. Toch houd je dan een onevenwichtige kleuropbouw in je onderwerp over. De overheersende warme tint van het licht moet worden weggecorrigeerd. Dat houdt in dat de warme tinten in je onderwerp, die feitelijk kun kleur zouden moeten behouden, vaak te grauw worden weergegeven.



 



 
Webdesign: www.techini.com | Copyright © 2004 - 2008, Holland Vision B.V.